Patiënten met COPD die onder behandeling zijn van de huisarts kunnen deelnemen aan thuismonitoring via de app SanaCoach COPD. Via de app rapporteren patiënten thuis hun klachten en gezondheid. Deze gegevens worden gevolgd door het Medisch Service Centrum van het Martini Ziekenhuis. Bij signalen die daar aanleiding toe geven, neemt het Medisch Service Centrum contact op met de patiënt en vindt indien nodig afstemming plaats met de huisartsenpraktijk. De huisarts blijft hoofdbehandelaar en verantwoordelijk voor de medische behandeling. De betrokken longarts van het Martini Ziekenhuis is beschikbaar voor consultatie bij complexe casuïstiek.
Longarts Sandra Been van het Martini Ziekenhuis: ‘Meer inzicht in de ziekte helpt patiënten om zelf meer grip te krijgen op hun gezondheid. Zo kunnen zij thuis, samen met hun eigen huisarts, werken aan het verminderen van hun klachten’.
Een belangrijk onderdeel van de pilot is dat patiënten met COPD die onder behandeling zijn van de huisarts nu gebruik kunnen maken van thuismonitoring. Daarnaast kunnen patiënten die al deelnemen aan thuismonitoring vanuit het ziekenhuis deze monitoring voortzetten wanneer zij worden terugverwezen naar de huisarts. Hiermee ontstaat meer continuïteit in de begeleiding en monitoring van patiënten met COPD.
De pilot wordt uitgevoerd in samenwerking met zeven huisartsenpraktijken in de regio. De eerste patiënten zijn inmiddels gestart en er zijn al 30 deelnemers aangemeld. De pilot duurt één jaar. In deze periode onderzoeken we hoe huisartsen, longartsen en het Medisch Service Centrum kunnen samenwerken rondom thuismonitoring van patiënten met COPD. Daarbij leren we wat goed werkt, welke verantwoordelijkheden waar het beste belegd kunnen worden en hoe we eventuele knelpunten in de samenwerking kunnen oplossen. De ervaringen gebruiken we om deze vorm van transmurale zorg verder te ontwikkelen in de regio.
Kaderhuisarts Roland Riemersma van DokNoord: ‘Met deze pilot ervaren we in de praktijk wat thuismonitoring vraagt van huisartsen en van de samenwerking met het ziekenhuis. We onderzoeken samen wat goed werkt, wie welke taak het beste kan uitvoeren en hoe we de zorg goed kunnen organiseren voor patiënten en zorgverleners’.
